Hoofd Menu
Orgel Afdrukken

De geschiedenis (Van een 1 eeuw oud orgel)

Het orgel werd in 1907 geleverd door de fa. G.A. Goldschmeding te Amsterdam. Gerard Alexander Goldschmeding (1826-1899) was vanaf 1848 in dienst van de fa. Flaes en Brünjes  te Amsterdam, makers van kerkorgels en piano’s. In 1869 gingen Flaes (1812-1889) en Brünjes (1809-1872) zakelijk uit elkaar en werkte Brünjes voort als zelfstandig pianomaker. Kort na het overlijden van Brünjes  in 1872 zette G.A. Goldschmeding dit bedrijf onder eigen naam voort. De fa. Goldschmeding handelde behalve in piano’s ook in  harmoniums, dat laatste was omstreeks 1900 een enorme groeimarkt. Het bedrijf nam in omvang toe en had op een bepaald moment in Amsterdam en daarbuiten verschillende filialen. In 1898 zetten vier zonen van G.A. Goldschmeding het bedrijf in een naamloze vennootschap voort.

Niet alle onderdelen voor het orgel van Zunderdorp werden in het eigen bedrijf gemaakt. De manuaaltoetsen zijn afkomstig van een ouder orgel, evenals een deel van het metalen en houten pijpwerk. Het nieuwe pijpwerk werd, te oordelen aan de makelij, betrokken van de fa. Laukhuff uit Weikersheim.

De vormgeving van het front, de maatvoering van de orgelkas en de technische aanleg zijn nog geheel naar de in de tweede helft van de negentiende eeuw geldende maatstaven van de Nederlandse orgelbouw uitgevoerd.

Het contract uit 1907 is niet bewaard, gegevens over de oorspronkelijke dispositie zijn tot nu toe niet gevonden. Wel is er een vermelding in de kerkvoogdijnotulen dat aan de oorspronkelijke overeenkomst de plaatsing van een Bourdon 16’ werd toegevoegd. Betreffende het onderhoud zijn de archivalische gegevens incompleet. Vast staat dat het instrument enige tijd door H.W.Flentrop werd onderhouden en dat het onderhoud vervolgens  tot en met 1967 werd uitgevoerd door de orgelmaker A.Bik uit Amsterdam.

Kort nadien werd het orgel gerepareerd en gewijzigd door een onbekende, niet officieel gevestigde, orgelmaker.  Hierbij werd de dispositie gewijzigd en werd opnieuw enig pijpwerk van elders gebruikt. De pneumatische lade voor de Bourdon 16’ werd vervangen door een nieuwe mechanische.

In relatie tot de kerkrestauratie in de tachtiger jaren van de 20e eeuw werd het orgelbalkon aan de zijden aangepast.

De slechte technische toestand van het orgel leidde in 2002 tot het voornemen het instrument te restaureren. Met de recent uitgevoerde werkzaamheden is dit doel bereikt.

De restauratie betrof een technisch herstel van de bestaande aanleg  met op een enkel detail  een correctie. De pompinstallatie werd hersteld en weer gangbaar gemaakt.

Beschrijving.

Het instrument is geplaatst op het balkon aan de westzijde van het kerkinterieur. De klaviatuur bevindt zich in de zijwand aan de zuidzijde van de kas. In de onderkas bevindt zich een magazijnbalg met twee schepbalgen. Daarboven ligt het walsraam, dat is de verbinding tussen klaviatuur en de ventielen, en vervolgens de windlade, waar het merendeel van het pijpwerk op geplaatst is. Achter de klaviatuur ligt de lade voor het pedaal.

Het pijpwerk is wat makelij betreft in de volgende rubrieken te verdelen:

a.     Metalen pijpwerk uit 1907, betrokken van de fa.Laukhuff te Weikersheim (D).

b.     Houten pijpwerk uit 1907, waarschijnlijk eveneens van de fa. van Laukhuff.

c.     Metalen pijpwerk van een ouder orgel uit de late 18e eeuw dat in een voorgaande bouwfase al een keer gewijzigd werd.

d.     Houten pijpwerk uit een ouder orgel, waarschijnlijk van hetzelfde instrument.

e.     Metalen pijpwerk uit de negentiende eeuw uit een ander orgel dan bij c. genoemd.

f.      Metalen pijpwerk van omstreeks 1915 gemaakt door de fa. Laukhuff voor een ander orgel, geplaatst in Zunderdorp omstreeks 1970.

g.     Metalen pijpwerk dat waarschijnlijk in de periode  1950-1960 in een Nederlandse pijpenmakerij werd vervaardigd en dat omstreeks 1970 in Zunderdorp werd geplaatst..

De huidige dispositie is als volgt:

Praestant 8’

C t/m E open houten binnenpijpen, geplaatst achter de middentoren. Makelij b.

F t/m h1  in het front, zink. c2 t/m f3 op de lade. Makelij a.

Bourdon 16'  discant

c1 t/m f1 makelij b. fs1 t/m f3 makelij d.

Holpijp 8'

C t/m H, naaldhout, makelij b. c° t/m f3 makelij d.

Flute travers 8'

C t/m H gecombineerd met de Holpijp, c° t/m f3 makelij e. samengesteld uit twee verschillende registers. C2 t/m f3 overblazend.

Salicionaal 8’

C t/m H gecombineerd met de Holpijp 8' , c° t/m f3 makelij a.

Voix Celeste 8' discant

Makelij a. Pijpwerk omstreeks 1970 afgesneden en omgewerkt tot een Quintfluit  2 2/3’. In 2010 is het pijpwerk  weer verlengd en zijn “freins “ aangebracht.

Octaaf 4’

Makelij c. en g.

Roerfluit 4'

Makelij c. en g.

Octaaf 2'

Makelij c. en g.

Cornet V disc.

Makelij f.

Pedaal (C-c1):

Makelij b.

Pedaalkoppel